recensies
Its all coming good

INDIE4LIFE
Unbelievable - Cajun Music from the Netherlands!
This is some amazing stuff. This band's material came into my submission box and I almost hit the delete button before even listening to it. C'mon...Americana from the Netherlands??...not to mention Cajun Music. Well, I decided to at least give these guys a chance and I was amazed. Take a few minutes and listen to these good old boys.
Laissez Les Bons Temps Rouler - Let the Good Times Roll.
Phil Peretz
MOORS MAGAZINE
We zagen de Groninger cajunband Cochon Bleu al eens een bevlogen en
aanstekelijk concert geven aan het eind van het Trad It-festival. Op cd
weten ze bij die bevlogenheid ook nog wat subtiliteiten toe te kunnen
voegen, overigens zonder dat de pure kracht van de muziek daar onder te
lijden heeft. En hoewel de vijf heren vrij klassieke traditionele cajun
spelen blijken ze alle nummers zelf geschreven te hebben. Een knap
staaltje.
Heel erg puristisch zijn ze overigens gelukkig niet, want een nummer als
Chante Cléoma is acapella met wat handgeklap, terwijl andere nummers
dicht tegen de rock aanhangen. Maar meestal horen we hier toch vooral
buitengewoon geïnspireerde cajunmuziek, uitstekend gezongen en bevlogen
gespeeld, waar wij hier zeer vrolijk van worden. Ze weten ook de nodige
melancholie door hun muziek te roeren, en een flinke scheut humor doet
dan de rest.
NEW FOLKSOUNDS
Vreemde snuiters, die mannen van de Noord-Nederlandse groep Cochon Bleu. Ze willen zich absoluut niet laten vangen in een hokje. De groep zegt cajunmuziek te spelen,maar die staat ver af van de traditionele stijl die we gewend zijn. Cochon bleu geeft een eigen draai aan deze muziek en werkt dat op een opmerkelijk niveau uit. Het kwintet slaagt er iedere keer weer in om heel opvallend uit de hoek te komen met eigentijdse bewerkingn en composities. Cochon Bleu is Cochon Bleu, en daarmee vooral zichzelf! Het zeer eigen geluid klinkt aantrekkelijk en uitnodigend. Met verve slagen ze erin om een zeer gevarieerde stijl muziek neer te zetten. Op het ene moment spatten ze uit de luidsprekers en een ander moment kruip je naar de luidsprekers toe om te genieten van ingetogen momenten van meerstemmige samenzang en een behoorlijke instrumenten- beheersing. Interessant ´zaagtand´ accordeonspel wordt vakkundig ondersteund door sprankelend banjospel. Jawel, banjo(!), want zowel de banjo als de viool zijn nieuwkomers in het instrumentarium. Ook is het voor het eerst dat de cd bol staat van eigen werk, voornamelijk geschreven in een patoisvariant op de Franse taal. De nummers die me het meest aanspreken zijn de opener Monsieur Jaques, het traditioneel klinkende Polonaise en de instrumentale Go Feed The Chickens. Het valt vooral op dat Cochon Bleu steeds dieper in de traditie kruipt om een authentieke sound te cre&@235ren. Maar vooropgesteld dat ze niet willen copi&@235ren, gaan ze op zoek naar originele arrangementen. Voorheen had de muziek meer met folkrock en punkrock, maar de raakvlakken met de cajun worden steeds duidelijker. Het enige waarop ze moeten letten is de transparantie van het geluid. Soms klinkt It´s All Coming good wat rommelig, terwijl op voorganger Eau het geluid juist zo helder was. Maar dat maakt It´s All Coming Good geen mindere cd. Cochon Bleu bewijst wederom een heel eigenzinnige groep te zijn, die wel heel aantrekkelijke muziek speelt!
FRET Cajunmuziek heeft in Nederland een wat
boertig imago.Onbegrijpelijk, want Cochon bleu bewijst eigenlijk al
jaren dat cajun een opmerkelijke vitaliteit kent. Banjo en viool werden
speciaal voor dit album toegevoegd aan het instrumentarium en deze
injectie pakt erg goed uit. In de melting pot die Louisiana nu eenmaal
is, is het heerlijk wentelen in allerlei muziekstijlen en dus klinken de
arrangementen bij Cochon Bleu werelds en uitermate fris. Ook tekstueel
steekt It´s All Coming Good fijn in elkaar. Schitterende,
humoristische verhalen van de straat, met een gepaste hang naar het
verleden, zorgen voor het kleurrijke behang waar de nummers mee
opgetuigd worden. It´s All Coming Good is in al zijn frisheid een
echt authentieke cajunplaat geworden en laat weinig ruimte over voor
allerlei vooroordelen. Knappe prestatie!
FERENC KOOLEN
Cajunmuziek heeft in Nederland een wat
boertig imago.Onbegrijpelijk, want Cochon bleu bewijst eigenlijk al
jaren dat cajun een opmerkelijke vitaliteit kent. Banjo en viool werden
speciaal voor dit album toegevoegd aan het instrumentarium en deze
injectie pakt erg goed uit. In de melting pot die Louisiana nu eenmaal
is, is het heerlijk wentelen in allerlei muziekstijlen en dus klinken de
arrangementen bij Cochon Bleu werelds en uitermate fris. Ook tekstueel
steekt It´s All Coming Good fijn in elkaar. Schitterende,
humoristische verhalen van de straat, met een gepaste hang naar het
verleden, zorgen voor het kleurrijke behang waar de nummers mee
opgetuigd worden. It´s All Coming Good is in al zijn frisheid een
echt authentieke cajunplaat geworden en laat weinig ruimte over voor
allerlei vooroordelen. Knappe prestatie!
FERENC KOOLEN
FOLKOWA
Cochon Bleu - It´s All
Coming Good (2006)
The new record of Dutch band Cochon
Bleu drifts a little bit into a traditional kind of folk–rock. The
music moves us gently toward a Cajun atmosphere, but the sound and
melody lines are more characteristic of bands like Fairport Convention
(e.g. “Monsieur Jacques“, “J’ai
Raconté“ or “My Neighbor’s Cat“), or, in
other cases, The Pogues (“Hangover Two Step“). The ethnic
sounding “Chante Cleoma“ is something of a surprise.
That’s an outstanding composition! The female choir Les
Cochonettes in “Gros Plain de Soupe“ surprised us as well.
There is also vintage bluegrass, as in “Go Feed the
Chickens“. I like this song a lot! Despite the dominating joyful
sound, sometimes the music becomes more uneasy like in “Chemise de
Beauregard“, a song that sounds like a dark French folk song. The
band needed the lively cajun music of “Heron“ to exorcize
the dark atmosphere of previous piece.
Cochon Bleu's new
record is quite different from the ones we knew before, like
“Eau“, but remains excellent folk-rock in a French
Quebec–style.
TACLEM (translated from Polish by
Mans Dubbelboer)
Cochon Bleu - It´s All Coming Good (2006)
The new record of Dutch band Cochon Bleu drifts a little bit into a traditional kind of folk–rock. The music moves us gently toward a Cajun atmosphere, but the sound and melody lines are more characteristic of bands like Fairport Convention (e.g. “Monsieur Jacques“, “J’ai Raconté“ or “My Neighbor’s Cat“), or, in other cases, The Pogues (“Hangover Two Step“). The ethnic sounding “Chante Cleoma“ is something of a surprise. That’s an outstanding composition! The female choir Les Cochonettes in “Gros Plain de Soupe“ surprised us as well. There is also vintage bluegrass, as in “Go Feed the Chickens“. I like this song a lot! Despite the dominating joyful sound, sometimes the music becomes more uneasy like in “Chemise de Beauregard“, a song that sounds like a dark French folk song. The band needed the lively cajun music of “Heron“ to exorcize the dark atmosphere of previous piece.
Cochon Bleu's new record is quite different from the ones we knew before, like “Eau“, but remains excellent folk-rock in a French Quebec–style.
TACLEM (translated from Polish by Mans Dubbelboer)
FOLKFORUM Gevarieerde cajunschotel van
Cochon Bleu
Een vijfkoppige Nederlandse band die cajun
muziek maakt, dat is Cochon Bleu. De groep heeft in de zomer alweer de
vijfde cd uitgebracht, getiteld It´s All Coming Good. De plaat
telt 15 eigen composities, waar op de vorige albums nog wat covers
overgoten werden met een cajun-sausje. Bovendien werden ook banjo en een
vleugje viool toegevoegd aan het instrumentarium. Dat maakt het geluid
authentieker dan de voorgangers, die nog vaak leunden op (elektrische)
gitaar.
Cochon Bleu maakt overigens nog steeds
aanstekelijke muziek, waarop lekker vrij gedanst kan worden. Dat is al
meteen op het eerste nummer, het stampende Monsieur Jacques (over een
corrupte burgemeester), te horen en wordt bevestigd door het vrolijke
Hangover Two Step dat daarop volgt. De ballades worden echter ook
gewaardeerd door de vijf heren, getuige het eenvoudige liefdesliedje
J´ai Raconté, gezongen door Jeroen de Jong en begeleid door
gitaar, mandoline en banjo. Of het walsje Dansons, over een verlaten
liefde, waarbij ook de accordeon nog meedoet.
Twee nummers
springen eruit vanwege de aantrekkelijke samenzang: Cherokee Cadien en
Chante Cléoma. In het eerste scheuren de gitaren nog door het
tromgeroffel heen om de inhoud meer kleur te geven: een indiaan die zijn
geboortegrond verlaat vanwege oorlogen en terechtkomt in een streek met
moerassen, boortorens en boze mensen. Chante Cléoma is een soort
vraag en antwoordlied, waarin Cléoma naar een schurk van een
echtgenoot zit te luisteren en de buren laten weten het niet eens te
zijn met zijn plannen om haar medeplichtig te laten worden aan zijn
misdadigheid.
Het instrumentaaltje Go Feed The Chickens,
met een lekker klinkende banjo en accordeon, is een ode aan
cajungitarist Hubert Maitre en zijn wijze raad: "If things don´t
work out for you: don´t start a fight, don´t get angry, just
go home and feed the cickens". Volgens mij is dit een van de zes nummers
die in één take zijn opgenomen. Hier zit even een dip in
het geluid, evenals in de afsluiter Dis Salut. Dat kun je opvatten als
een misser, maar als je in de bijgevoegde info leest dat er
gebruikgemaakt is van microfoons uit 1949 hoort het er uit nostalgisch
oogpunt eigenlijk gewoon bij (hoeveel perfecte opnamen zijn er uit die
tijd bekend?). Het wringt overigens wel wat, omdat de meeste nummers op
de cd met de moderne technieken opgenomen zijn.
Dan is er
Beauregard, een vent die niet luisterde naar zijn vrouw en zich volvrat
tot hij overleed, maar die een hemd had dat (tot zijn dood) ook zijn
vriend geluk bracht. Het eerste wordt bezongen door de dames Cochonettes
in Gros Plein De Soupe, met een fijn vleugje viool op de melodie van het
bekende Allons A Lafayette, het tweede wordt met aanstekelijk getrommel
en mandoline door de heren zelf gebracht in La Chemise De Beauregard.
Eigenlijk krijg je een behoorlijke bak ellende voor je
kiezen op It´s All Coming Good, maar dat is er door de vrolijke
klanken niet aan af te horen. Cochon Bleu heeft voor het eerst een plaat
vol met eigen composities. Alle liederen worden gezongen in het
zogenaamde ´patois´, het verbasterde Frans uit Louisiana,
dat zo typisch is voor de cajun. Daarmee hebben ze een authentieker
geluid gekregen, maar met hier en daar nog een elektrische gitaar of een
stampende drum blijft het toch herkenbaar Cochon Bleu. Al met al krijgen
we een lekkere mix van ingredi&@235nten, die de schotel een fijne smaak
geven.
MIRJAM ADRIAANS. waardering: 8
Gevarieerde cajunschotel van
Cochon Bleu
Een vijfkoppige Nederlandse band die cajun
muziek maakt, dat is Cochon Bleu. De groep heeft in de zomer alweer de
vijfde cd uitgebracht, getiteld It´s All Coming Good. De plaat
telt 15 eigen composities, waar op de vorige albums nog wat covers
overgoten werden met een cajun-sausje. Bovendien werden ook banjo en een
vleugje viool toegevoegd aan het instrumentarium. Dat maakt het geluid
authentieker dan de voorgangers, die nog vaak leunden op (elektrische)
gitaar.
Cochon Bleu maakt overigens nog steeds
aanstekelijke muziek, waarop lekker vrij gedanst kan worden. Dat is al
meteen op het eerste nummer, het stampende Monsieur Jacques (over een
corrupte burgemeester), te horen en wordt bevestigd door het vrolijke
Hangover Two Step dat daarop volgt. De ballades worden echter ook
gewaardeerd door de vijf heren, getuige het eenvoudige liefdesliedje
J´ai Raconté, gezongen door Jeroen de Jong en begeleid door
gitaar, mandoline en banjo. Of het walsje Dansons, over een verlaten
liefde, waarbij ook de accordeon nog meedoet.
Twee nummers
springen eruit vanwege de aantrekkelijke samenzang: Cherokee Cadien en
Chante Cléoma. In het eerste scheuren de gitaren nog door het
tromgeroffel heen om de inhoud meer kleur te geven: een indiaan die zijn
geboortegrond verlaat vanwege oorlogen en terechtkomt in een streek met
moerassen, boortorens en boze mensen. Chante Cléoma is een soort
vraag en antwoordlied, waarin Cléoma naar een schurk van een
echtgenoot zit te luisteren en de buren laten weten het niet eens te
zijn met zijn plannen om haar medeplichtig te laten worden aan zijn
misdadigheid.
Het instrumentaaltje Go Feed The Chickens,
met een lekker klinkende banjo en accordeon, is een ode aan
cajungitarist Hubert Maitre en zijn wijze raad: "If things don´t
work out for you: don´t start a fight, don´t get angry, just
go home and feed the cickens". Volgens mij is dit een van de zes nummers
die in één take zijn opgenomen. Hier zit even een dip in
het geluid, evenals in de afsluiter Dis Salut. Dat kun je opvatten als
een misser, maar als je in de bijgevoegde info leest dat er
gebruikgemaakt is van microfoons uit 1949 hoort het er uit nostalgisch
oogpunt eigenlijk gewoon bij (hoeveel perfecte opnamen zijn er uit die
tijd bekend?). Het wringt overigens wel wat, omdat de meeste nummers op
de cd met de moderne technieken opgenomen zijn.
Dan is er
Beauregard, een vent die niet luisterde naar zijn vrouw en zich volvrat
tot hij overleed, maar die een hemd had dat (tot zijn dood) ook zijn
vriend geluk bracht. Het eerste wordt bezongen door de dames Cochonettes
in Gros Plein De Soupe, met een fijn vleugje viool op de melodie van het
bekende Allons A Lafayette, het tweede wordt met aanstekelijk getrommel
en mandoline door de heren zelf gebracht in La Chemise De Beauregard.
Eigenlijk krijg je een behoorlijke bak ellende voor je
kiezen op It´s All Coming Good, maar dat is er door de vrolijke
klanken niet aan af te horen. Cochon Bleu heeft voor het eerst een plaat
vol met eigen composities. Alle liederen worden gezongen in het
zogenaamde ´patois´, het verbasterde Frans uit Louisiana,
dat zo typisch is voor de cajun. Daarmee hebben ze een authentieker
geluid gekregen, maar met hier en daar nog een elektrische gitaar of een
stampende drum blijft het toch herkenbaar Cochon Bleu. Al met al krijgen
we een lekkere mix van ingredi&@235nten, die de schotel een fijne smaak
geven.
MIRJAM ADRIAANS. waardering: 8
OOR
..Bepaalden tot dusver naast de accordeon
verder nog mandoline en in mindere mate elektrische gitaar het toch al
verre van puristische groepsgeluid, ditmaal is het instrumentarium niet
alleen verrijkt met de voor dit idioom eigenlijk onmisbare viool, maar
maakt men ook verrassend vaak gebruik van de banjo, die buiten het
bluegrassgenre nochtans zelden of nooit een rol van betekenis speelt.Zo
overschrijdt Cochon Bleu op It´s All Coming Good avontuurlijk als
altijd de grenzen van de cajunmuziek, zij het wonderlijk genoeg zonder
in het wilde weg stijlbreuk te plegen, want alleen al door de verhalende
teksten in het verbasterde Frans van de Acadiens doet dit vijfde album
bedrieglijk authentiek aan. Van de knalhard gezongen opener over een
corrupte burgemeester tot en met het weemoedig gekweelde afscheidsliedje
zonder einde valt er op dit opnieuw fantasierijk gearrangeerde geheel
geen oubollige noot te bespeuren. Geestige titel trouwens, It´s
All Coming Good...
GEERT HENDERICKX
..Bepaalden tot dusver naast de accordeon verder nog mandoline en in mindere mate elektrische gitaar het toch al verre van puristische groepsgeluid, ditmaal is het instrumentarium niet alleen verrijkt met de voor dit idioom eigenlijk onmisbare viool, maar maakt men ook verrassend vaak gebruik van de banjo, die buiten het bluegrassgenre nochtans zelden of nooit een rol van betekenis speelt.Zo overschrijdt Cochon Bleu op It´s All Coming Good avontuurlijk als altijd de grenzen van de cajunmuziek, zij het wonderlijk genoeg zonder in het wilde weg stijlbreuk te plegen, want alleen al door de verhalende teksten in het verbasterde Frans van de Acadiens doet dit vijfde album bedrieglijk authentiek aan. Van de knalhard gezongen opener over een corrupte burgemeester tot en met het weemoedig gekweelde afscheidsliedje zonder einde valt er op dit opnieuw fantasierijk gearrangeerde geheel geen oubollige noot te bespeuren. Geestige titel trouwens, It´s All Coming Good...
GEERT HENDERICKX
MUSICFROM (juli 2006)
De vijfmansformatie
Cochon Bleu is alweer aan haar vijfde langspeler toe. Op
´It’s All Coming Good´ combineert de groep wederom
cajun muziek met Europese folk. Hier en daar klinkt ook nog een vleugje
americana door. Het resultaat is een bijzondere mengelmoes van
wereldmuziek, die de band een totaal eigen geluid geeft.
Cochon Bleu klinkt vrolijk en zorgt er direct bij het openingsnummer
’Monsieur Jacques’ al voor dat je de voeten niet meer stil
kunt houden. Bij het daaropvolgende ’Hangover Two Step’ kun
je helemaal niet meer op je stoel blijven zitten. Gelukkig kent de cd
ook nog enkele rustpunten. Zoals het prachtige ’J’ai
Raconté’. Het mooie tokkelwerk en de goede samenzang werken
bijna betoverend. Het grootste gedeelte van de songs is trouwens
Franstalig, wat nog weer een extra dimensie geeft aan de bijzondere mix
van muziekstijlen. Toch past het allemaal precies.
Het is
niet voor niets dat deze groep al eerder lovende recensies kreeg en
mocht spelen op diverse grote festivals en mooie zalen als EuroSonic,
Folkwoods, Oerol en de Amsterdamse popzaal Paradiso. Toch is het niet al
goud wat er blinkt. Een deel van de opnames klinken niet helemaal mooi.
De zang lijkt bijvoorbeeld op ’Polonaise’ en op ’Gros
Plein De Soupe’ ergens achteruit een oude schuur te komen. Het is
alleen zo gemixt dat het bijna niet meer bij de muziek lijkt te horen.
Het past wel bij het genre en het klinkt zo wel erg live, maar voor deze
cd had het best wat netter gekund.
Desalniettemin bewijst
Cochon Bleu andermaal dat het de perfecte band is voor de vele leuke
folkfestivals die deze zomer in het land zijn. Het is een genot om te
horen hoe deze groep mensen zo speels met diverse muziekstijlen om kan
gaan en naar haar hand kan zetten. Het spelplezier klinkt op de gehele
cd door en het kan niet anders of dat gaat hele mooie optredens
opleveren.
PATRICK
De vijfmansformatie Cochon Bleu is alweer aan haar vijfde langspeler toe. Op ´It’s All Coming Good´ combineert de groep wederom cajun muziek met Europese folk. Hier en daar klinkt ook nog een vleugje americana door. Het resultaat is een bijzondere mengelmoes van wereldmuziek, die de band een totaal eigen geluid geeft.
Cochon Bleu klinkt vrolijk en zorgt er direct bij het openingsnummer ’Monsieur Jacques’ al voor dat je de voeten niet meer stil kunt houden. Bij het daaropvolgende ’Hangover Two Step’ kun je helemaal niet meer op je stoel blijven zitten. Gelukkig kent de cd ook nog enkele rustpunten. Zoals het prachtige ’J’ai Raconté’. Het mooie tokkelwerk en de goede samenzang werken bijna betoverend. Het grootste gedeelte van de songs is trouwens Franstalig, wat nog weer een extra dimensie geeft aan de bijzondere mix van muziekstijlen. Toch past het allemaal precies.
Het is niet voor niets dat deze groep al eerder lovende recensies kreeg en mocht spelen op diverse grote festivals en mooie zalen als EuroSonic, Folkwoods, Oerol en de Amsterdamse popzaal Paradiso. Toch is het niet al goud wat er blinkt. Een deel van de opnames klinken niet helemaal mooi. De zang lijkt bijvoorbeeld op ’Polonaise’ en op ’Gros Plein De Soupe’ ergens achteruit een oude schuur te komen. Het is alleen zo gemixt dat het bijna niet meer bij de muziek lijkt te horen. Het past wel bij het genre en het klinkt zo wel erg live, maar voor deze cd had het best wat netter gekund.
Desalniettemin bewijst Cochon Bleu andermaal dat het de perfecte band is voor de vele leuke folkfestivals die deze zomer in het land zijn. Het is een genot om te horen hoe deze groep mensen zo speels met diverse muziekstijlen om kan gaan en naar haar hand kan zetten. Het spelplezier klinkt op de gehele cd door en het kan niet anders of dat gaat hele mooie optredens opleveren.
PATRICK

